Terug

 

 

A B C
D E F
G H I
J K L
M N O
P Q R
S T U
V W X
IJ Z blanko

Zoeken

 

KLIK OP EEN TITEL OM TE OPENEN
KLIK NOGMAALS OM TE SLUITEN

E

EEN AARDIG KLEIN WIT POESJE
 

Een aardig klein wit poesje

Was op de wandeling

Een bandje met een belletje

Dat om haar halsje hing

Dat belletje ging van ring ting ting

Zo lang dat poesje ging

Dat belletje ging van ring ting ting

Zo lang dat poesje ging

 

In 't hoekje van de zolder

Daar moesten muisjes zijn

Die dag gaf jonkheer Knabbelaar

Zijn vrienden een festijn

Doch stil, plots hoorden zij de bel

Vlug vrienden, staakt uw spel

Doch stil, plots hoorden zij de bel

Vlug vrienden, staakt uw spel

 

Poes vond een lege zolder.

En snuffelde miauw

Waar waren nu die muisjes

Waar bleven zij zo gauw

't Kwam alles door die ring ting ting

Die om haar halsje hing

't Kwam alles door die ring ting ting

Die om haar halsje hing

EEN APRIL
 

Dag Jantje, dag Jantje

Jij moet naar huis toe gaan

Jouw moeder heeft een taart gekocht

Die hebben wij zien staan

 

Een grote en een kleine

Met krenten en rozijnen

Met roze suikerringetjes

Zijn dàt geen lekkere dingetjes

 

Maar toen hij gauw naar moeder wou

Toen lachten ze hem uit

Toen riepen ze: 't Is lekker mis

't Is één april, sliep uit

ER KOMT EEN VOGEL GEVLOGEN
 

Er komt een vogel gevlogen

Ziet, hij vliegt heen en weer

Met een briefje in zijn snavel

En daar legt hij het neer

 

Aardig meisje, dit briefje

Breng ik jou met een groet

Wil het aanstonds eens lezen

En zeggen wat ik antwoorden moet

 

Lieve vogel, ik dank u

Breng mijn groeten weerom

Zeg aan vader en moeder

Dat ik gauw bij hen kom

 

En nu vliegt weer de vogel

Vrolijk klapwiekend heen

Neen, zo lief als dat diertje

Is er waarlijk niet een

ER WAS EENS EEN POESJE
 

Er was eens een poesje

Dat zei tot de muis

Zeg hoor eens klein ding

Is je moeder niet thuis

 

Welnee, zei het muisje

Mijn moeder is uit

Ze is naar de keuken

Daar haalt zij beschuit

 

Da 's lief van je moesje

Maar nu ik me bezin

De deur is gesloten

Hoe komt zij daarin

 

Kijk, daar is het gaatje

Daar kruipt moeder door

Maar ik mag het niet vertellen

Verklap het niet hoor

 

Ga zoet naar je bedje

Je zit op de tocht

Je krijgt koude voetjes

De vloer is zo vocht

 

En kun je niet raden

Wat toen is gebeurd

En weet je waarom nu

Die babbelkous treurt

 

De poes heeft de moeder

Bij het gaatje gesnapt

Dat komt er nu van

Als je geheimen verklapt

ER ZATEN OP EEN MATJE
 

Er zaten op een matje

Een hondje en een katje

Het hondje zei: Ik heb wat schik

De vrouw bakt weer een krentenmik

 

Met boter, room, sukade en ei

De bruine korstjes zijn voor mij

Die kan de vrouw niet bijten

Het poesje vroeg toen: Wat krijg ik

Jij krijgt de kruimels van de mik