Terug

 

 

A B C
D E F
G H I
J K L
M N O
P Q R
S T U
V W X
IJ Z blanko

Zoeken

 

KLIK OP EEN TITEL OM TE OPENEN
KLIK NOGMAALS OM TE SLUITEN

O

OCH JANTJE WIL NIET HUILEN
 

Och Jantje wil niet huilen

Daar heb je mijn beste muilen

Daar heb je mijn mooie beugeltas

Waar al mijn goeie geld in was

OLLEKE EN BOLLEKE
 

Olleke en Bolleke

Die zaten in een schoen

Te babbelen, te babbelen

Zo muisjes somtijds doen

 

Ze vonden, 't was mooi weer vandaag

Maar ja, een donkere lucht

Toen kwam de grijze kater

En joeg ze op de vlucht

 

Olleke en Bolleke

Die praatten honderduit

Toen kwam de grijze kater

En 't vertelseltje is uit

ONS GEITJE
 

Ons geitje is een aardig beest

Het is nog nimmer ziek geweest

Zelfs heeft het nooit een kou gevat

Of maar een beetje koorts gehad

 

Doch gister heeft het iets gedaan

Waarvan het haast is doodgegaan

Vandaag nog heeft het daarvan spijt

Wat was het dan, 't is gauw gezeid

 

Het kuierde de wei eens rond

En zocht iets lekker voor haar mond

Opeens zag het veel bloemen staan

Die stonden onze geit wel aan

 

Ze smulde heerlijk van die spijs

Maar ach, ze deden haar niet wijs

Elk bloempje was vergif voor haar

Ze werd zo ziek, ze werd zo naar

 

Gelukkig is ze weer gezond

En danst en huppelt blij weer rond

Als zij nu toch maar wijzer is

Want anders loopt het vast weer mis

ONZE PIET
 

Jongens, kent ge onze Piet

Ach, 't jammer, kent gij hem niet

O, het is zo'n zoete jongen

Slootje heeft hij nooit gesprongen

Nooit heeft hij een natte broek

O, wat is die Piet toch zoet

ONZE TOM
 

Onze Tom heeft een kuiltje in zijn wang

Als hij huilt is 't een herrie van belang

Maar als hij lacht is hij onze zonnestraal

Dan is hij echt de lieveling van allemaal

 

Tom-Tommele-Tom

Tom-Tommele-Tom

 

Onze Tom heeft ook een kuiltje in zijn kin

Tompie is onze lieve benjamin

We zijn zo stapel op onze jongste spruit

Ja onze Tommetje dat is zo'n vrolijke guit

Hij heeft zo'n olijke snuit

 

Tom-Tommele-Tom

Tom-Tommele-Tom

OP DE GROTE STILLE HEIDE
 

Op de grote stille heide

Dwaalt de herder eenzaam rond

Wijl de witgewolde kudde

Trouw bewaakt wordt door de hond

En al dwalend ginds en her

Denkt de herder: och hoe ver

Hoe ver is mijn heide

Hoe ver is mijn heide, mijn heide

 

Op de grote stille heide

Bloeien bloempjes lief en teer

Pralend in de zonnestralen

Als een bloemhof heinde en veer

En tevree met karig loon

Roept de herder: o, hoe schoon

Hoe schoon is mijn heide

Hoe schoon is mijn heide, mijn heide

 

Op de grote stille heide

Rust het al bij maneschijn

Als de schaapjes en de bloemen

Vredig ingesluimerd zijn

En terugziende op zijn pad

Juicht de herder: welk een schat

Hoe rijk is mijn heide

Hoe rijk is mijn heide, mijn heide

OUWE JAN EN JONGE JAN
 

Ouwe Jan en jonge Jan

Die gingen samen pompen

Ouwe Jan die brak zijn been

En jonge Jan zijn klompen

OZEWIEZEWO
 

Ozewiezewo

Zewiezewalla

Kristalla

Kristo

Zewiezewo

Zewieze wies wies wies wies