Terug

 

 

A B C
D E F
G H I
J K L
M N O
P Q R
S T U
V W X
IJ Z blanko

Zoeken

 

KLIK OP EEN TITEL OM TE OPENEN
KLIK NOGMAALS OM TE SLUITEN

S

SAMENSPRAAK
 

Poesje, waarom wast gij u

Alle uren, zoals nu

Kopje, pootjes, even rein

Waarom moet dit toch zo zijn

'k Weet dat het heel zindelijk staat

Wanneer men altijd proper gaat

Proper wezen, beste vrind

Past ieder poesje, en ieder kind

SCHAAPJE, SCHAAPJE
 

Schaapje, schaapje, heb je witte wol

Ja baas, ja baas, drie zakken vol

 

Een voor de meester en een voor zijn vrouw

Een voor het kindje dat bibbert van de kou

 

Schaapje, schaapje heb je witte wol

Ja baas, ja baas, drie zakken vol

SCHOOLGAAN
 

Ik ga gaarne naar de school

'k Leer daar rekenen, lezen, schrijven

Zat ik altijd maar in huis

Dan zou ik onwetend blijven

 

'k Kon dan met mijn twintig jaar

Nog geen brief of boeken lezen

En geen kerkboek in de mis

Wat zou dat vervelend wezen

 

Later zal ik niet altijd

Bij mijn ouders kunnen blijven

Ga ik nu niet trouw naar school

'k Zou hen nooit iets kunnen schrijven

 

En hoe dikwijls zou men mij

Met mijn rekenen kunnen foppen

En het zuur verdiende loon

Listig uit mijn zakken kloppen

 

Ik ga gaarne naar de school

'k Leer daar voor mijn ganse leven

'k Dank de goede God, die mij

Tijd voor 't Ieren heeft gegeven

 

In de school ben ik bewaard

Voor veel kwaad en veel gevaren

'k Doe daar kostbare voorraad op

Voor mijn latere levensjaren

SCHUITJE VAREN, THEETJE DRINKEN
 

Schuitje varen, theetje drinken

Varen we naar de Overtoom

Drinken we zoete melk met room

Zoete melk met brokken

Kindje mag niet jokken

SLAAP, KINDJE SLAAP
 

Slaap, kindje slaap

Daar buiten loopt een schaap

 

Een schaap met witte voetjes

Die drinkt er de melk zo zoetjes

 

Schaapje met zijn witte wol

't Kindje drinkt zijn buikje vol

SNOEPWINKELTJE
 

In de donkere straat

Als het belletje gaat

Kletst 't deurtje al rinkelend open

Komen in 't kamertje klein

Bij 't lampegeschijn

De kleutertjes binnengeslopen

 

Een dappere vent

In zijn knuistje een cent

Stapt naar voor en blijft grinnikend zwijgen

Tot de koopvrouw geleerd

Zijn fortuin inspecteert

En vertelt wat hij daarvoor kan krijgen

 

't Is 'n reep zwarte drop

Koek met suiker er op

Een kleurbal, een zuurbal, een wafel

Een zoethouten stok

Of 'n kleurige brok

't Ligt alles bijeen op de tafel

 

Als de kapitalist

Zich wat dikwijls vergist

De koek en de suiker beduimelt

Scheldt de juffrouw verwoed

Dat hij 't kostelijke goed

Met z'n smerige vingers verkruimelt

 

De kleuter verbaasd

Dat de juffrouw zo raast

Smoest stiekem wat met z'n kornuiten

De keus wordt bepaald

De kleurbal betaald

Dan schooien zij slenterend naar buiten

 

In de donkere straat

Waar het troepje nu staat

Wordt hevig gewikt en gewogen

En ruilen ze om beurt

Tot de bal is verkleurd

En hun rijkdom-illusie vervlogen

SOEP-HEIN
 

Eerst was ons Heintje kerngezond

Met rode wangen, kogelrond

Hij had een hongerige maag

En lekker eten deed hij graag

 

Maar plots zei hij: Ik hoef niet meer

En gooide boos zijn lepel neer

Neem die nare soep maar mee

Ik wil geen soep meer eten, nee

Het deed zijn ouders veel verdriet

Maar ander eten kreeg hij niet

 

Zodat hij al de tweede dag

Veel magerder en bleker zag

En weer smeet Hein zijn lepel neer

En zei: Ik wil die soep niet meer

Neem die nare soep maar mee

Ik wil geen soep meer eten, nee

 

De derde dag, o lieve tijd

Zag Heintje groen van akeligheid

Ze gaven hem zijn soepbord weer

Maar Hein riep voor de derde keer:

Neem die nare soep toch mee

Ik wil geen soep meer eten, nee

 

De vierde dag leek hij een lat

En toen hij wéér zijn soep niet at

Woog hij niet zwaarder dan een lood

En de vijfde dag: morsdood

SPIEGELTJE
 

Ik heb een rood, rood, spiegeltje gevonden

Ik heb het op mijn hartje gebonden

Zeven jaar heb ik 't al, zeven jaar gevonden

 

Keer omme, keer omme

Mooi meisje, keer eens omme

 

Mooi meisje heeft zich omgekeerd

Dat heeft ze van haar broertje geleerd

 

Keer omme, keer omme

Mooi meisje, keer eens omme

SPINNENWEB
 

Nee spin, nee spin

Je krijgt er mij niet in

Ik ben geen vlieg

'k Ben kleine Door

Ik vind je naar

En griezelig hoor

Nee spin, nee spin

Je krijgt er mij niet in

STEKELVARKENTJES WIEGELIED
 

Suja, suja, prikkeltje

Daar buiten schijnt de maan

Je bent een stekelvarkentje

Maar trek het je niet aan

 

Het olifantje heeft een slurf

De beren hebben klauwen

En veren heeft de papegaai

Van die groene, en ook blauwe

 

En onze lieve oom giraffe

Die heeft een lange nek

Jij hebt alleen maar stekeltjes

En dat is ook niet gek

 

Suja, suja, prikkeltje

Het is al vreselijk laat

Jij bent het liefste varkentje

Dat er op aard bestaat

 

Slaap, mijn kleine prikkeltje

Dan word je groot en dik

En ook zeker even sterk

Als je pa en ik

STEL NIET UIT TOT MORGEN
 

Morgen, morgen, aardig vinkje

Doe ik in uw bakje zaad

Want ge treurt mijn lieve beestje

Ziet niet eens wie voor je staat

Maar toen 't morgen was

En Willem naar het aardig vinkje zag

Merkte hij dat 't arme beestje

Levenloos in 't kooitje lag

 

Morgen breng ik mijn rozenboompje

Sprak een kind, dat 't struikje aanschouwt

Binnen in de warme kamer

Want het wordt buiten guur en koud

En toen ‘t kind het rozenboompje

Bij het eerste morgenrood

In de kamer wilde zetten

Was de plant bevroren …… dood

 

Morgen ga ik naar vriend Karel

Arme hals, hij heeft het kwaad

Gaarne wil ik hem nog spreken

'k Ben zijn beste kameraad

Maar toen 't morgen was

Zag Antoon zijn beste kameraad niet meer

In de nacht was hij gestorven

Was reeds bij ons Lieve Heer

 

Stel dus nimmer uit tot morgen

Wat gij nu verrichten kunt

Altijd kinderen, is ‘t onzeker

Of 't je morgen is gegund

SUJA, POPPE DEINE
 

Suja, poppe deine

Wat ben je toch weer stout

Heb je pijn in 't buikje

Of zijn je voetjes koud

 

Een vuurtje zal ik stoken

Een papje zal ik koken

't Wiegje gaat van kwik-kwak

Voor de kleine dikzak

SUJA, SUJA, KINDEKE
 

Suja, suja, kindeke

Moeder roert de pap

En geeft de koe geen rome

Dan melken wij de kat

 

En is de kat niet thuis

Dan melken wij de muis

Dan hebben wij, dan hebben wij

Toch rome in huis